• Categorie 45+ ongeslagen dankzij verrassende ingreep coach

    28 mei 2019
  • -Longread-

    Vrijdagavond 24 mei hadden de meest ervaren en dito getalenteerde spelers van voetbal vereniging Woudsend een afspraak in Stavoren met de veteranen van Sleat, de nestors van De Wâlde en de senioren van de plaatselijke Quick Valken Combinatie. ‘

    Leider Menno besloot streng te selecteren en de spelers die niet goed genoeg waren of deden dat ze geblesseerd waren, thuis te laten. De medisch onderlegde ONS-er oordeelde streng. Zo viel Henk sleep-sleep-sleep-punter-oer-och-sorry-sorry-jongens-ik-hie-oer-spielje-moatten af wegens het simuleren van een enkel blessure. Ook de heren Hoite en Jan Hendrik werden harteloos gepasseerd nadat zij beide een rugblessure faketen. Anne scheen een hamstring blessure te hebben. Daar trapt in Woudsend niemand meer in nadat Jelle deze spier in 1989 in de Winkler Prins had ontdekt. Rudi, de laatste senior van een roemruchte voetbalfamilie die het nog aandurfde de kicksen aan te trekken, besloot eieren voor zijn geld te kiezen en appte ondubbelzinnig dat hij er even een weekend ‘útnaaide’. Ook Anco, die weliswaar zijn achternaam mee had, durfde zich niet in het havenstadje te vertonen nadat hij de term ‘de tegenstander bij de strot pakken’ tegen QVC bij De Wâlde wel heel erg letterlijk nam. Douwe was wel geselecteerd. De grote leider weigerde echter op het uiterlijk alleen af te gaan en eiste ter controle een geldige geboorteakte. Douwe bleek jonger dan hij er uit zag waardoor ook zijn naam werd doorgehaald. Tot slot dient Franc nog genoemd te worden. Als lid van de eerder vermelde roemruchte familie is hij de afgelopen drie jaar niet meer voetballend gesignaleerd. Op het toernooi in Hommerts speelde hij in 2016 zijn laatste minuten. Met de bal aan de voet dribbelde de toen ranke nog 48-er, maar inmiddels ruime vijftiger over het veld op zoek naar een afspeelmogelijkheid. Aangezien hij deze niet zag bleef hij aan de bal, wanhopig roepend dat niemand vrijstond. Alsmaar door-dribbelend is hij in het voorjaar van 2019 voor het laats gezien langs de A6 halverwege Swifterbant.

    Kortom coach Menno had alles over voor een goed resultaat, maar zag dat dit niet eenvoudig zou worden aangezien hij ook assistent Jetze ‘Dicky’ moest missen.

    De eerste wedstrijd werd gespeeld tegen de heren van QVC die na het spelen van deze match de Q van Quick gaan vervangen door de S van slow. De mannen die door Menno goed genoeg werden bevonden, waren in duidelijke bewoording geïnstrueerd en de wei in gestuurd. In een uitermate trage wedstrijd die bijkans wandelend werd afgewerkt nam Woudsend halverwege verrassend de leiding.

    De trainer vertrouwde volledig op de verdediging. Op het doel kon hij bouwen op de voorheen IJzersterkte Albert de R. De basis van de achterhoede werd gevormd door Albert A. Deze oud-eerste speler heeft de leeftijd voor Walking Football al ruim bereikt en is daarom niet langer van beton. Hij lijkt steeds meer op graniet, bikkelhard en keistijf. Bij de Alberts was alles geoorloofd. Zo gooide Albert A. zelfs verdedigende schwalbes en kreetjes (‘aaah’ en ‘scheids’) in de strijd om de scheidsrechter, die vrijdagavond overigens uitstekend floot, maar niet tijdens de wedstrijden, te misleiden.

    In één van de zeldzame uitbraken wist Kor (coach van Woudsend 1 en om die reden met een korreltje zout genomen) een uitstekende lange bal te produceren en nieuweling Piet van der Vlist te bereiken. Piet had piket. Geen enkele speler begreep wat een brandweerman met een paaltje met gekleurde kop voor opmetingen in de landmeetkunde moest, maar na de weergaloze actie waarbij Piet Piket in de draai de doelman van QVC verschalkte maalde niemand daar meer om: 1-0.

    De voorsprong werd heilig verklaard en met man en macht verdedigd. Jelle, naar eigen zeggen tot bij s.c. Heerenveen bekend om zijn aanvallende kwaliteiten, had zichzelf omgeschoold tot verdediger nadat hij tijdens de wedstrijden bij De Wâlde, twee weken eerder, iets had verzonnen. Zijn theorie luidde dat je als verdediger veel minder hoefde te doen dan een aanvaller. Dat paste hem natuurlijk uitstekend! Zuinig als een gemeente ambtenaar speelde hij zijn potjes.

    Vlak voor tijd kwamen de groen-witten helaas langszij. Een van de vele aanvallen van de gastheren werd door Woudsend onderbroken. De volledig onpartijdige scheidsrechter floot en kende zijn broer een vrije trap toe. Vertrouwend op de bouwkundige kwaliteiten van Albert de R. lieten een viertal roodhemden zich gewillig in een muurtje zetten. Door “die kant op, die kant op” te roepen plaatste de nog immer zeer atletische oud-weststellingwerfer een vakkundig muurtje voor zijn linker- nee, rechterhoek, voor de kijker wel links. De rechterhoek was dus volledig afgedekt door volumineuze spelers, links was voor de keeper. Voor de nemer van de vrije trap dus rechts. Links was afgeblokt. In de consternatie was er toch ruimte in de linkerbovenhoek, rechts voor de supporters van Stavoren, maar links voor de toeschouwers van Woudsend. Om een lang verhaal kort te maken, Woudsend was het even kwijt, heel de Driuwpôlle stond rechts, de keeper incluis, waarvan de vierkante middenvelder maximaal profiteerde en de bal weergaloos in de linkerkruising legde.

    De 1-1 werd na een aantal weken zonder punten echter als een overwinning gekoesterd. De tactiek van de coach had gewerkt en werd geperfectioneerd voor de tweede wedstrijd. Sleat stond op het programma. Een tegenstander waarvan regelmatig werd gewonnen. Ook deze keer pakte Woudsend hondsbrutaal de volle winst.

    Opnieuw vormde Woudsend een blok achterin. Keeper Albert stond zijn mannetje en keerde menig schot. Naamgenoot Albert raakte verschillende Sleattemer Sipels en ook Johannes, bij de fans bekend als Battie Goal werd ingezet. Leunend op zijn jarenlange ervaring greep hij terug op zijn kwaliteiten, schoffelde hij er flink op los en produceerde menig ‘no-look’ pass. De vele dansmuggen waren echter een ware plaag op rechterzijde van het veld. Daar lag dan ook veel ruimte. Ruimte die voorzitter Hendrik wel kon gebruiken. Nog altijd niet begrijpend dat 45+ geen gewichtsklasse was, trok de preses met de mond dicht en de neus open een aantal flinke sprints (twee). Om het een en ander in perspectief te zetten: Deze loopacties konden natuurlijk niet in de schaduw staan van de sprints die hij, volgens eigen overlevering 30 jaar geleden over de Friese velden trok. De voorzitter is zoals velen weten meer met het verleden bezig. Kor, verbannen uit de achterhoede om zo de kans op tegendoelpunten zo klein mogelijk te houden, bleek een prima aanspeelpunt. Het was overduidelijk dat hij genoot van het talentvolle spel van de 45-plussers. Hij mist dat op zaterdag ‘s middags, maar doet zo veel waardevolle kennis voor volgend jaar op. De oud-verdediger lukte het zowaar om een schot richting doel te produceren. Het zwakke puntertje verdween echter vrij kansloos naast het doel. Ook Piet Piket kreeg nog een schietkans. Zijn schot spoot uiteen op de lat. Het waren helaas de Sleatemers die scoorden. In een rommelige situatie voor het pupillendoel zaten Otto, die maar niet wil erkennen dat je met twee klotsknibbels echt beter voor de tv kunt gaan zitten, en Albert en Albert elkaar meer dwars dan dat ze elkaar hielpen. Otto, destijds voor dienst afgekeurd op slappe enkels, maar boze tongen beweren dat vooral zijn ‘slappe knieën’ zijn probleem is, probeerde rustig de bal weg te spelen. Albert dook er vol in. De bal belandde voor de voeten van de spits uit Sloten en deze kabouter schoof de bal beheerst in de hoek.

    Woudsend treurde niet, stroopte de mouwen weer op en trok ten strijde tegen de mannen uit Elahuizen en Oudega. Lars, die wegens zijn formidabele lengte veelal de voorkeur geeft aan volleybal, kon het opnemen tegen zijn vrienden uit zijn geboortedorp. Het leek erop dat de man van polyester was hersteld van het gênante fietsongeluk dat hem op weg naar het voetbalveld was overkomen. Hij verklaarde dat tijdens de beklimming van de Hellingbrêge zijn zadel was afgebroken waardoor hij half hangend op een glimmende zadelpen rijkelijk laat en beurs arriveerde.

    De Wâlde beschikte over een fraai gemêleerd team. Enkele wat oudere en mindere goden werden aangevuld met een drietal goede spelers. Op voorhand zijn dat er al drie meer dan Woudsend. De mannen van De Wâlde zetten flink druk op het Woudsender doel. Maar opnieuw viel een doelpunt zonder dat de tegenstander geweldig speelde. De opponent wist ook deze keer te profiteren van een rommelig Woudsend. Vlak voor doel werden de gele mannen vakkundig tegengehouden door de rode verdediging. Als leeuwen vochten de roden om de bal en zo lukte het ze te voorkomen dat Albert de R. in de problemen kwam. Als Mufasa, de echte leeuwenkoning, sprong Albert Aukes op de bal. Battie assisteerde hem als ware hij Mufasa’s broer. Geïnspireerd dook ook de keeper Albert als een leeuw in het strijdgewoel. Zijn inspiratie moet Clarence uit Daktari zijn geweest. Hij verliet namelijk bijna blindelings zijn doel, waardoor De Wâlde de bal vrij voor kon zetten. Ongelukkig kwam de bal tegen de hak van, laten we zeggen, de blanke neger van Woudsend 45+ en stond Woudsend 1-0 achter.

    Woudsend gaf opnieuw gas. Lars stuurde Kor met een diepte pass weg. Op topsnelheid en al vlot in ademnood wist de ex-Sneeker nog een vloek te produceren waarna de bal zachtjes over de zijlijn rolde. Enkele schoten gingen naast of belandden in de handen van de keeper. Redder in nood bleek de man die waarschijnlijk ten koste van enkele snelheidsovertredingen net op tijd vanuit Nijmegen in Stavoren arriveerde. Na een dag waarin hij uitsluitend moest verdedigen had Tjalling in de kleedkamer een uitgebreid pleidooi gehouden dat hij die avond alleen nog wilde aanvallen. Het vonnis van de coach was hard. Hij accepteerde de eis, maar verlangde volledige terbeschikkingstelling aan het 45+ team. De welbespraakte buitenspeler deed zijn plicht nadat de bal na de enige weergaloze aanval van de hele avond via de rechterflank op links in zijn voeten belandde. Er volgde een keurige aanname, iets van een schijnbeweging en een geplaatst schot in de verre hoek: 1-1.

    Woudsend was echter nog niet tevreden en gesterkt door het fraaie doelpunt gooide de grote leider alles op de aanval. Vlak voor tijd leek deze tactiek zich uit te betalen. Opnieuw kwam de bal bij Tjalling. De mannen van De Wâlde onderkenden het gevaar van de linkspoot en besloten aan de noodrem te trekken. De scheids, die nog een parkeerbon had uitstaan en meende een voordeeltje te kunnen pakken, floot resoluut en melodieus: Pengel! Vol vertrouwen wezen de spelers Tjalling aan die eigenhandig het oordeel mocht vellen. Na enige aarzeling pakte de raadsman de bal, vond een geschikt polletje op een metertje of tien-en-een-half van het doel, vlijde de bal zorgvuldig neer, plaatste het ventiel naar voren voor extra effect, nam drie nauwkeurig uitgemeten passen naar achteren, haalde diep adem, deed de kin omhoog, ogen op een kier, liep naar de bal en …

    Het was de eerste en de laatste keer dat de strafpleiter een strafschop mocht nemen. De bal is inmiddels terecht. Een boer vond het leer vier dagen later in de lebmaag van Beitske 34.

    Uiteraard werden na afloop de uitslagen met de grootste zorg door Menno in de voetbalapp geplaatst: Woudsend-QVC 1-1, Woudsend- De Wâlde 1-1 en, tromgeroffel, Woudsend-Sleat 1-0! Daarmee was het vlaggenschip en trots van de club ongeslagen.

    De avond leek nog een vervelend staartje te krijgen na dwaze protesten van Sleat die meende van Woudsend gewonnen te hebben. Na een intensief gesprek op de gang tussen de Sleattemers, de fraudeur en de pleiter kwamen de heren compensatie overeen in de vorm van 24 biertjes waarvan 12 voorwaardelijk. Zo volgde min of meer vrijspraak voor de coach die toch nog altijd over een rood hart blijkt te beschikken.